Zo, na een aantal keren mensen met Unimogs ontmoet, en al een eerdere poging tot kamperen met een mog ondernomen te hebben is het nu eindelijk gelukt! Adrian en Tracy hebben samen een 404 flatbed, een mog met een open laadbak. We waren door hen uitgenodigd om mee te gaan kamperen ergens bij Black Tusk Mountain, in de buurt van Whistler, ten noorden van Vancouver. Op de foto hieronder zie je Adrian achter het stuur (dakje van voor is ook opengeklapt), op de andere foto Femke die achterin staat.


Op vrijdag zijn we met ons trouwe bussie naar het huisje gereden wat de tante van Adrian heeft in de buurt van Whistler, om daar eerst te slapen en zodoende zaterdag op tijd op pad te kunnen. Op zaterdag hebben we al onze en hun spullen in de laadbak gestopt (dat was best veel), en zijn we vertrokken. Het idee was zover mogelijk de berg op te rijden en dan verder naar de top te lopen. Kamperen ed. zouden we dan doen tot waar we met de mog konden komen. Helaas kwamen we al vrij vroeg (ongeveer 1600 meter) sneeuw tegen, waardoor we niet verder konden, want Adrian heeft geen sneeuwkettingen.
En dan komt het leuke van Canada; sommige van de wegen staan op de kaart, maar veel ook niet, dus toen zijn we er een aantal gaan uitproberen. De eerste weg ging behoorlijk steil omhoog en was rotsachtig, maar geen probleem voor de mog. Doordat de weg een tijd niet gebruikt was werd hij wel helemaal overgroeid door loofhout, wat nogal langs de mog schuurde. Om die reden zijn we een stuk vooruit gelopen om te kijken of het beter werd, maar helaas. Het was overal overgroeid, en er was dus ook geen plek om te kamperen. Hieronder een foto waarop het loofhout en de rotsachtige weg goed te zien zijn.

Dus zijn we op de eerst mogelijke plek gekeerd en ergens anders gaan kijken. Die weg eindigde in een plek waar net hout gehakt was. Er wordt in BC soms nog op de traditionele manier “gedecimeerd”; volledige kaalslag van een stuk helling. Alle bomen weg, en alles wat onbruikbaar is wordt achtergelaten. Ook geen leuke plek om te kamperen dus. We waren toen al een tijdje bezig waren en er werd dan ook niet geaarzeld toen we een vrij saai plekje zonder groots uitzicht in de buurt van een rivier vonden. Er moet namelijk ook wat gedronken worden, en een vuurtje gemaakt. Op de foto hieronder de kampeerplek.

Het kamperen was gezellig en leuk, met soms op de achtergrond een Grouse, een soort hoen (korhoen), dat een diep pompend geluid maakt. Verder waren er spechten en Coyotes (!!) te horen. De volgende dag ben ik wat vroeg opgestaan om de weg verder af te lopen. Daarbij kwam ik nog twee herten en bluejays (blauwe gaai) tegen, erg mooie kobaltblauwe vogels met een zwarte kuif. Later op de dag zijn we nog een stukje verder doorgereden, om erachter te komen dat de weg doodliep. Om overigens een idee te geven van hoe het reizen achterin zo een laadbak gaat, zie de foto’s hieronder. Ofwel je zit en kijkt door het gat in het midden of naar opzij, ofwel je gaat staan en houdt de rand bovenaan vast. Die tweede manier was mijn favoriet, je ziet meer en wordt minder door elkaar geschud, omdat je alles goed aan ziet komen. Op de laatste foto zie je een van de rotsblokken die we onderweg tegenkwamen, een goede reden om een lier en touwen bij te hebben, om ze aan de kant te kunnen slepen. Op de foto met het rotsblok heb je wel een goed idee van hoe de bergen er daar uit kunnen zien, en ook het soort weggetjes.
En ander voordeel van het staan is dat je meer ziet, zoals een BEER! We waren alweer op de terugweg en reden naar beneden, toen er links van de weg een bruinzwarte bult lag. Ik dacht eerst aan wat troep of zoiets, maar door de herrie van de Unimog keek de beer verbaasd op en kwam overeind. Omdat een Unimog toch wat groot en indrukwekkend is besloot hij daarna maar om het bos in te sjokken, soms omkijkend naar degenen die stoorden. Beren zijn een stuk groter en hariger als je verwacht, stinken en lopen sneller als je denkt.


